Als middagmaal aten we droge rijst met black eyed peas(‘zwarte
oogjes-bonen’). Samen met de scouts deden we inkopen (50kg suiker en 100 repen
zeep) om aan de mensen in Kibirizi (een arme visserswijk aan het
Tanganyikameer) te geven. De tocht naar Kibirizi deden we met een pick up waar
we met 15 mensen en inkopen in de laadbak zaten. Toen we aankwamen moest we
wachten op de chef van Kibirizi (deze ging ons tonen waar de armste gezinnen
zich bevonden), dit was voor ons de eerste keer dat we in ons leven met extreme
armoede geconfronteerd werden. Het was hard om te zien hoe de mensen leefden en
toch blijven lachen. Omringd door spelende kinderen gingen we de zeep en de
suiker uitdelen. Het was mentaal toch wel zwaar: kinderen zonder schoenen,
kapotte kleren, zwaar ondervoed, dorst, honger, een hutje was het onderdak voor
een hele familie (hut=wat bij ons een slaapkamer is)… We waren blij en
gerustgesteld dat de scouts ons vergezelden. Na de wandeltocht terug naar huis
waren we doodmoe en kregen we nog eens rijst met een soort spinazie en wonder
boven wonder een beetje vlees! Nu zijn we moe en kruipen we in ons bed om
morgen terug fris op te staan, want het zal weer een lange dag worden.
Cassandra en Justine
.jpg)